Aandoening van de achterste scheenbeenpees

 

Uitreksel uit Cursus

Sportreflexologie voor Reflexologen

Inleiding

 De pees maakt deel uit van de musculus tibialis posterior, één van de krachtigste spieren van het onderbeen. De spier bevindt zich in de kuit, hij begint net onder de knie en eindigt in een stevige pees die met een vrij scherpe bocht via de binnenenkel naar de voet loopt (zie foto). De pees hecht aan het os naviculare of het scheepsvormig beentje aan de binnenzijde van de middenvoet.

 

Een pees die je beroert wanneer je de zone van het sacrum bewerkt en/of het blaasgebied.

 

 

 Wanneer gaat deze pees lastig doen?

 

Meerdere oorzaken kunnen aan de basis liggen van een onbalans op deze pees. Een aantal zijn:

 

  • sporters die op hun voorvoet landen bij het lopen en hun recuperatie van spierweefsel verwaarlozen, lees teveel trainen met te weinig rustpauzes. Deze aandoening bouwt zich geleidelijk aan op.

 

  • Omslaan van de enkels waardoor het hielgewricht onstabiel wordt en we de neiging hebben om naar binnen te knikken met de voeten.

 

  • Platvoet die ‘plots’ ontstaan is. Klant heeft meestal de bemerking ‘ mijn voeten zijn langer’.

Symptomen

 

De evolutie wordt opgedeeld in vier fases ( Dr. Van Dalen, www. Voetenenkelklacht.nl) waarbij in fase 1 nog normale beweging mogelijk is, weliswaar pijnlijk door de ontsteking en in fase 4 artrose vastgesteld wordt door de abnormale druk in het enkelgewricht.

Diagnose

 

Zelf stellen we geen diagnose en verwijzen we door naar een arts.

 

Wanneer is het raadzaam om de klant de raad te geven om een arts op te zoeken? Niet elke enkelklacht is deze aandoening.

 

Pijn bij aanraking die op het einde van de behandeling nog altijd aanwezig is, misschien iets afgenomen omdat de ontstekingszone beter doorbloed is maar de pijn blijft. Zeker wanneer de klant uit je stoel komt en bij de eerste passen specifiek die zone aanwijst als pijnlijk.

 

Wanneer bij het opmaken van een diagnose ofwel sprake is van een scheur ( fase 3) of artrose ( fase 4) kunnen we helaas nog weinig als sportreflexoloog betekenen.

 

Bij fase 1 en fase 2 is er wel nog een mogelijkheid. De aanpak zal een combinatie zijn van oefeningen en manueel stimuleren van de bloeddoorstroming en vochtcirculatie.

 

 

 

Behandeling

 

Manueel

 

  • Locale fricties ( zie afbeelding) en zachte effleurages ( wrijving) op de loop van de pees met bijzondere aandacht op de regio die het meest pijn doen. Niet te diepgaand stimuleren.

 

  • Losmaken van de diepliggende achterste scheenbeenspier. Dit kan met de hand, met een tennisbal of eventueel met een triggerpointrolletje. Het is belangrijk dat de druk op de pees tot een minimaal beperkt wordt.

 

Oefeningen

 

  • Stabiliteit op één been.

 

 

  • Opdrukken op de bal van de voet om zo de diepliggende scheenbeenspier te verstevigen.

 

 

 

 

Energetisch (enkel voor energetisch werkers)

 

Aan te raden wanneer er ook sprake is van een gewrichtsmuis ( stukje kraakbeen dat rondzweeft), is een ‘waterkuur ‘ van drie dagen. De klant drinkt bewust 1 tot 1 ½ liter water per dag. Niet langer dan 3 dagen om de nieren niet te ‘verdrinken’.

 

Stimuleren van de nierzone en blaasgebied, deze aandoening is uitermate niergerelateerd.

 

 

 

Voeding

 

Azuki bonen, pompoen, zeewier, …

 

 

 

Opgemaakt op 21/11/17 door

 

John Rooms

www.sportreflexologie.be

 

 

Dit artikel is een uitreksel uit de cursus ‘Sportreflexologie voor Voetreflexologen’ en heeft een beetje als doel reclame te maken. Gaandeweg ben ik mijn gaan verdiepen in blessures van de voet, de enkel en het onderbeen. Begonnen met een aanpakking te bestuderen die door Dwight D. Buyers werd beschreven rond hielspoor, heb ik stilaan een aanpak voor behoorlijk wat problemen met onze onderste ledematen waaronder hielspoor, plantaire fasciitis, stressfracturen, peesontstekingen, gewrichtsmuizen en nog veel meer.

 

Met genoegen heb ik het aanbod aanvaard om een tweedaagse cursus te geven aan collega’s in Schoten op 24 en 25 maart 2018.

 

De opbouw van de tweedaagse is voor een stuk intuïtief. Ik reik de basisprincipes aan ( een inleiding), toon de verschillende grepen en manipulaties en ga dan dieper in op verschillende aandoeningen die kunnen voorkomen. Uiteraard zal ik niet alles kunnen aanreiken, daarvoor is twee dagen te kort. Het zou dan ook zeer leuk zijn indien deelnemers een aantal dingen aanreiken die zij zeker besproken willen zien. Indien sportreflexologie een hulp kan zijn, dan zal ik hier graag op ingaan.

Leave a Reply